Omdat onze familie zich in de loop der maanden heeft uigebreid met een 6e persoon, te weten Kallie, besloten we maar eens het hele wagenpark in te zetten voor deze tocht van 900 km. Naast onze trouwe 4 maal 4 ‘voeter’ hebben we namelijk nog een lekkere slee gekocht, te weten een Ford Taurus.
Omdat we op donderdagmiddag direct na het werk al vertrokken hebben we een tussenstop gemaakt in shreveport. In de staat Louisiana is gokken toegestaan en verbleven dan ook in een enorm casino hotel. Tot onze verbazing was het drinken in het casino gratis. Niet lang daarna snapte ik waarom, aangezien je al vrij snel je geld kwijt bent bij de roulette/blackjack tafel. Ik had dus die avond gratis drinken (jongens bedankt!), Tiemen had 50$ en de anderen een leuke avond.
Via internet hadden we met een aanbieding een hotel geboekt wat normaal gesproken ver boven ons budget zou liggen, te weten ‘le Pavilion’. In dit hotel mooie kroonluchters en marmeren vloeren en ook nog eens op loopafstand van het centrum. Helaas was parkeren wel erg duur (100$ voor 2 auto’s voor 2 nachten) en bleken het ook nog klootzakken te zijn. Na afloop bleek namelijk dat iemand met een andere auto langs onze auto geschaafd is en wat bleek, de plek naast ons was de gereserveerde en beheerde plek door de parkeerfirma. Uiteraard accepteerden ze geen enkele aansprakelijkheid, want we hadden zelf onze auto geparkeerd.
New Orleans is door de Fransen gesticht en is qua uiterlijk een echt Europese stad (wat betreft het oude centrum). Mooie smalle straatjes met oude panden dicht op elkaar gebouwd. In het begin van de 19e eeuw hebben de VS de hele staat van Napoleon gekocht en sindsdien is het dus Amerikaans. New Orleans is om vele zaken bekend en berucht, waaronder Bourbon Street. Dit is een soort light variant van de Amsterdamse wallen met veel cafe’s, stripclubs en vooral veel lallende mensen op straat. Hier had ik eigenlijk niet zo veel mee, dus ik heb snel een mooi Jazz cafeetje opgezocht waar echt fantastische vroege Jazz (dixieland) werd gespeeld. New Orleans is de geboorteplek van de Jazz muziek en eigenlijk dus van vrijwel alle moderne pop-muziek. Tevens is New Orleans een centrum van culinaire uitspattingen. Er zijn vele restaurants met een Franse keuken waar ze voortreffelijke bediening hebben en nog betere gerechten (veelal vis en garnalen).











Na dit inspannende weekend stond ons meteen (na een lange dag werken) weer een leuke verassing te wachten. Een vriend van het softbal-team, Joel, heeft samen met een vriend een klein sportvliegtuigje, te weten een Grumman Cheetah. Hij had al een keer eerder laten weten dat wanneer z’n kist door de jaarcheck heen was we wel een keertje konden gaan vliegen. Ik kan je 1 ding zeggen, wat betreft vliegen is Amerika ECHT het land van de onbegrensde mogelijkheden:
Het plan was het volgende: opstijgen vanaf het gemeente-vliegveld in Fort Worth, landen op het dorpsvliegveld van Stephenville. Daar bij de bekende pitt-BBQ-toko eten en weer terugvliegen. En dat in de avond in het donker. Nachtvliegen maar dan echt. In Amerika betaal je geen landingsrechten, doen ze gewoon voor je de baanverlichting aan en hoef je ook geen vliegplan in te leveren.
Dus zo simpel als ik het boven uitleg ging het ook. Op 20 minuutjes van ons huis ligt Spinks Airport wat door de gemeente van Fort Worth betaald wordt. De dichtheid van vliegvelden is sowieso absurd hoog hier in dit land. In Fort Worth alleen zijn er al 10! en heb ik dus niet de hele metroplex meegeteld (Arlington, Dallas etc.) Daarnaast heeft elk durp ook nog z’n strip liggen en hebben vele gated-appartment-communities vaak hun eigen baan of zelfs meerdere banen liggen. Wat een heerlijk land is dit toch!
In de lobby van Spinks wachtte Joel ons netjes op, samen met een vriend die met een gehuurde Cessna 172 mee ging. Tiemen, Dirk, Thierry en ik konden dus allemaal mee. Het uitzicht was fantastisch. De Metroplex is misschien 2 keer groter dan de randstad maar net zo dichtbevolkt. Na een half uurtje vliegen landen we dus op de strip bij stephenville en daar stonden een paar golfkarretjes klaar (met de duidelijke boodschap: NO HORSEPLAY!) om de laatste meters naar de BBQ tent af te leggen. De BBQ tent was op zichzelf een hele ervaring. Het zogenaamde pit-BBQ betekent eigenlijk dat ze een soort grote stenen bak gemetseld hebben waar ze vuur in stoken en waar al het vlees dus langzaam in gaar rookt. Ze maken de klep open, je zegt wat je wilt hebben en rekent af per pond.
Zoals sommigen wellicht bekend is, is Texas een redelijk conservatieve staat waar ze in sommige counties zelfs hebben besloten dat er geen alcohol verkocht mag worden. Stephenville bevindt zich ook in zo’n zogenaamde ‘dry-county’ maar Amerika zou Amerika niet zijn als niet tot een zakelijk novum zou leiden. Er mocht dus geen bier VERKOCHT worden bij de BBQ tent. Ze mogen het wel GRATIS weggeven! Yieehaa! Op de weg terug hebben we uiteraard nog wat rondjes om down-town Fort Worth gedraaid om even wat mooie foto’s te kunnen maken.







Door vele uren over te werken heb ik een week op kunnen sparen om Mirjam in Suriname te kunnen bezoeken in de week van Thanksgiving. Uiteraard was deze reis niet zonder slag of stoot geregeld. Ten eerste is het lastig om er tekomen, ten tweede moest ik een visum hebben (dichtsbijzijnde consulaat is in Miami) en ten derde moest ik me ook laten inenten. Ik ben dus van Fort Worth naar Miami gevlogen, van Miami naar Aruba en dan van Aruba naar Paramaribo.

Op Zanderij (de luchthaven van Paramaribo) stond Mirjam me al op te wachten met taxi-chauffeur Jeffrey. Mirjam had voor ons voor een week een heel huis gehuurd midden in het centrum, naast de Palmentuin. Ideaal dus! We konden dus lekker overal naartoe lopen en de volgende morgen zijn we het centrum van Paramaribo gaan verkennen. Ik vermoed dat jullie allemaal net als ik toen geen flauw idee hebben wat je moet verwachten, maar Paramaribo heeft een heel mooi oud stadscentrum waarbij je bij een paar gebouwen ineens het gevoel hebt dat je in Delft staat. Er zijn ook vele mooie houten gebouwen uit de koloniale tijd. Helaas is het wel erg vies omdat mensen overal hun afval op straat gooien.








Verder is Suriname een ontzettend fascinerend land. Je bent in Zuid-Amerika, in de tropen, maar toch heeft het allemaal iets Nederlands. De mensen zijn allemaal heel beleefd en vriendelijk en ook al is er toch wel veel armoede, dit leidt (althans in de delen waar wij waren) niet tot een bedreigende sfeer ofzo. Mensen komen wel een keer bedelen (“ik heb dorst, koop een ijsje voor me” vond ik wel de mooiste), maar blijven toch beleefd. Daarnaast zijn er ook prachtige huizen en is er vollop activiteit. Eigenlijk is het heel erg jammer dat wij helemaal niets weten van dit land, omdat het juist toch zo dicht bij ons staat. In zekere zin misschien net zo als vlaanderen. Dat is geen deel van Nederland, maar of we nou willen of niet, daar hebben we wat mee. Het is dan ook niet gek dat er in Paramaribo een paar duizend Nederlandse (en Vlaamse) stagiaires rondlopen. Er zijn zelfs Nederlandse bejaarden die eigenlijk niks met Suriname hebben, die hier zich nu vestigen om van hun pensioen te genieten!

Suriname is 4 keer groter dan Nederland, heeft een even grote bevolking als Den Haag. Beschikt over olie, bauxiet, goud, bronwater ontzettend veel bos en ontzettend vruchtbare grond. Ik vind het dus eigenlijk wel jammer dat er geen officiële band meer met Nederland is. De potentie is enorm, dus als ze daar wat goeie deals zouden kunnen maken zou het land slapend rijk moeten kunnen worden. Helaas is de werkelijkheid anders en heeft Nederland naar mijn mening voor de onafhankelijkheid ook niet voldoende geïnvesteerd om het op eigen benen te kunnen laten staan.
De eerste avond zijn we naar de wijk blauwgrond gegaan waar vele Javaanse restaurants zijn. Hier hebben we ontzettend lekkere bami gegeten. Ondanks de kleine bevolking heeft Suriname misschien wel de grootste diversiteit aan bevolkingsgroepen in de hele wereld. Er zijn de zogenoemde Creolen die afstammen van de slaven, Hindoestanen, die afstammen van immigranten uit India, die naar Suriname zijn gehaald na afschaffing van de slavernij, Javanen die kort daarna uit Nederlands-Indie zijn gehaald, Chinesen, inheemsen (indianen zeg maar) en dan zijn er ook nog de Marrons, stammen die in de jungle wonen die afstammen van gevluchte slaven.
We hebben ook Fort Zeelandia bezocht (waar de december-moorden hebben plaatsgevonden) wat helemaal is gerestaureerd. Hier hebben we veel van de geschiedenis van Suriname kunnen leren. De eerste permanente vestiging was door de Engelsen, maar dat heeft de WIC (West-Indische Compagnie) vrij snel weten in te pikken. Er is nog een aantal keer gevochten om dit stuk en uiteindelijk hebben we tijdens 1 van de Engelse oorlogen Suriname geruild tegen Nieuw-Amsterdam. Guyana (wat er naast ligt) was ook heel lang een kolonie van de compagnie, maar dat hebben de Engelsen gepikt nadat Nederland door Napoleon werd bezet. In de kolonie ging het er vrij liberaal aan toe in de zin dat Europeanen die elders vervolgd werden (zoals Joden) zich hier vrij konden vestigen. De kolonie werd immers bestuurd door de compagnie wat gewoon een bedrijf was en wat hen betreft interesseerde het ze geen zak wat voor religie je had, als je maar voor handel zorgde. Zo staat de oudste synagoge van het westelijk halfrond in Suriname. In Nederland werd je ook niet doodgemaakt als je niet de staats-godsdienst aanhing, maar Brabant en Limburg hadden bijvoorbeeld geen vertegenwoordiging in de staten-generaal omdat het meerendeel Katholiek was en ook kon je eigenlijk niet openlijk je geloof belijden.
Dat is pas gekomen met Napoleon die dan wel weer een hoop andere ellende heeft veroorzaakt.




Wat ook wel een mooie anekdote is, is dat er op een gegeven moment een Franse kaper kwam aanzeilen op de Suriname rivier met een groot leger en die eiste een brandschat. Dat betekent zoveel als: geef me geld of ik brand alles plat. In die tijd ging dat allemaal volgens bepaalde regeltjes en elke plantage moest per hoofd zoveel geld afdragen. Omdat de (veelal) Hollandse planters nogal zuunig waren, hebben de meeste toen de meest sterke en slimme slaven met een hoop spullen de jungle ingestuurd met de opdracht: kom over een paar weken maar weer terug., om zo dus minder te hoeven afdragen. Als een slaaf in zijn eentje ontsnapte had hij geen schijn van kans om te overleven in de jungle, maar nu waren er verschillende groepen die elkaar snel vonden, die zich konden organiseren en bovendien fatsoenlijke middelen mee hadden gekregen om zich te redden. Uiteraard bedachten ze zich geen 2 keer en besloten in de Jungle te blijven en een nieuw bestaan op te bouwen. Zo zijn dus de marron stammen ontstaan.
Op 25 november was het srefidensie, oftewel onafhankelijkheidsdag. In Suriname (en Nederland) zijn zoals ik al aangaf veel mensen nog steeds verdeeld of dit nou wel een goed idee was 33 jaar geleden. Desalniettemin werd er een mooi feest van gemaakt wat erg deed denken aan Koninginnedag. Surinamers zijn erg trots op hun diversiteit aan cultuur en de onderlinge verdraagzaamheid en uiteraard de gevarieerde keuken. Op het ‘plein’ van de onafhankelijkheid (het is eigenlijk een groot grasveld) was een groot militair defile waar ook bezoekende Frans-Guyanese en Nederlandse soldaten aan meededen.


Mirjam had geregeld dat we met een boot de Suriname rivier op zouden varen om Dolfijnen te kunnen zien. Haar huisgenootje Sigrid ging ook mee, want die had net bezoek van haar ouders. Waar de rivier ophoudt en de Atlantische oceaan begint hebben we ontzettend veel dolfijnen gezien. Hierna zijn we doorgevaren naar een oude plantage waar ook alle gebouwen van gerestaureerd zijn en waar je bijvoorbeeld een eco-vakantie kunt houden. Er wordt echter niks meer verbouwd en ondanks dat hier vroeger koffie vandaan kwam kregen gewoon aanmaak koffie van nescafe geserveerd. Op de terugweg heeft de bootsman ons nog een keer naar de dolfijnen gebracht waar we nog betere foto’s hebben kunnen nemen.















Die avond waren we te gast bij Rene en Lilly, waar Mirjam en de rest de kamers van huren, voor een heuse cursus roti maken. Ik weet nu de fijne kneepjes van het deeg maken en de juiste kruidencombinatie. Hier kan de rotisjop in Delft echt niet aan tippen!


De dag erna gingen we naar white-beach wat een mooi wit zandstrand aan de Suriname rivier is. Hier kun je voor een dag een hutje huren, je hangmatten ophangen en de hele dag lekker relaxen. Dat hebben we dan ook gedaan!



Helaas was deze week weer veelstesnel voorbij. Ik heb zo ontzettend veel indrukken gekregen en heb echt een zwak voor Suriname gekregen. Wat een heerlijk land! Het is er lekker warm, de mensen zijn ontzettend vriendelijk, je kunt er heerlijk eten en ze vieren er Sinterklaas! Enfin, na een emotioneel afscheid van Mirjam bracht de Surinaamse Luchtvaartmaatschappij me weer naar huis. De SLM is trouwens een hele nette airliner, met lekker Surinaams eten aan boord! We maakten weer een tussenstop op Aruba waardoor ik dus ook eventjes dit Koninkrijksdeel heb bezocht. Helaas heb ik moeten concluderen dat wij hier in Nederland dus ook eigenlijk niks afweten, behalve als er iets vervelends gebeurt. Op Aruba spreken ze eigenlijk nauwelijks Nederlands (dat doen ze in Suriname dus gewoon wel!) maar voornamelijk Spaans, Engels en papiaments. Een luchthavenmedewerker stuurde me dan ook door naar “die jongen” waarmee hij een man van middelbare leeftijd bedoelde toen ik vroeg waar ik door de security check moest.





Dat was ook weer een verhaal appart. In Suriname gingen we door de controle, meteen op Aruba alweer door de controle, en DIRECT daarna door de Amerikaanse controle (ze hebben op Aruba de Amerikaanse douane al vast).
Ik ga nu stoppen met typen want er schieten me alweer allerlei bij-verhalen te binnen, maar ik denk dat de helft allang is afgehaakt, dus ik laat het hierbij. Onze tijd zit er bijna op. Nog 7 daagjes werken, dan nog wat weekjes vrij. De auto’s staan al te koop, dus dan weet je dat het bijna over is.
4 opmerkingen:
Hoezo "afhaken"?
Je verhalen kunnen niet lang genoeg zijn.
Man, ik begin te likkebaarden bij al die heerlijke avonturen en indrukken.
Jaloers, is denk ik een beter woord :-))
Jan Roza
Ja Ivor, laat die creativiteit maar vloeien. Dit is allemaal niks vergeleken met Munchen ;)
Veel plezier daar nog in de laatste weken. Geniet er van!
Hey Ivor,
Zo te zien heb je de tijd van je leven daar, zal wel moeilijk zijn om afscheid te nemen binnenkort of niet? Hier gaat alles zn gangetje, de afwas wordt zelfs gewoon gedaan. Ik verwacht nu trouwens als je terug bent ook de beste roti ooit te krijgen van je ;)
Groetjes Guimar
Lieve Ivor!
Manman, wat een heerlijk verhaal. Hoe saai kan je eigen leven zijn vergeleken hierbij :-) Ik heb door jouw verhaal ook een zwak voor Suriname, misschien een idee voor vakantie!
Sorry dat ik niet precies weet hoe en wat, maar begrijp ik dat je alweer snel terugkomet? Is de tijd dan zo snel gegaan?!
Nieuws uit Eindhoven: Vincent en ik hebben net een supermooi appartementje betrokken! Op werk ook alles nog steeds leuk, dus alles op rolletjes.
Laat maar weten als je terugbent, lijkt me leuk om in delft of eindhoven af te spreken. En dat we dan eigengemaakte roti gaan eten lijkt me duidelijk ;-)
Veel liefs!
Mirelva
Een reactie posten